Ga naar de inhoud

News

Inspirerend boek van een begenadigd therapeut

Gezinstherapeut zijn
Rober, P. (2023)

Kalmthout: Pelckmans

Peter Rober is hoogleraar aan het Instituut voor Familiale en Seksuologische Wetenschappen van de faculteit Geneeskunde van de KU Leuven. Hij is hier verantwoordelijk voor de postgraduaatopleiding Relatie en Gezinstherapie. Tevens is hij coördinator van Context, het centrum voor relatie- en gezinstherapie van het Universitair Psychiatrisch Centrum KU Leuven.

Het oeuvre van Rober is indrukwekkend. Zijn boeken lezen meestal aangenaam door de casuïstiek, maar wisselen in niveau. De persoon van de therapeut en de innerlijke dialoog of het innerlijk gesprek van de therapeut komen vaak terug in zijn publicaties. Eigenlijk is ‘gezinstherapeut zijn’ op de achtergrond al jaren in zijn werk aanwezig, maar nu beschrijft hij het expliciet. Het boek is in vier delen onderverdeeld.

Je moet ingelogd zijn om de rest van de inhoud te bekijken. Alsjeblieft . Geen lid? Join Us

De grens tussen onszelf en de ander: van neurobiologie tot klinische praktijk

Samenvatting

Heel wat mensen met psychische problemen worstelen met het bewaken van de grenzen tussen zichzelf en anderen. Onderzoek in de klinische psychologie en psychiatrie levert steeds meer inzichten op over de ervaring van zelf-andergrenzen in verschillende domeinen van het functioneren: 1. het gevoel van de eigendom van een eigen en uniek lichaam dat afgegrensd is van de omgeving, 2. de ervaring van zeggenschap over het eigen handelen, en 3. het differentiëren van de eigen gedachten en emoties van die van anderen. Studies tonen aan dat problemen met de capaciteit tot zelf-anderonderscheid samenhangen met een verhoogde kwetsbaarheid voor psychopathologie, en dat het hier mogelijk om een transdiagnostisch fenomeen gaat. Recent zijn er nieuwe inzichten ontstaan in de neurobiologische mechanismen onderliggend aan het zelf-anderonderscheid, en ook nieuwe experimentele paradigma’s die toestaan deze capaciteit preciezer vast te stellen. Deze ontwikkelingen laten een beter begrip toe van waarom en hoeveel mensen worstelen met het zelf-anderonderscheid, en welke belangrijke rol zelf-andergrenzen spelen in therapeutische interacties. Dit literatuuroverzicht tracht daarom de vertaalslag te maken van een aantal belangrijke wetenschappelijke inzichten over het zelf-anderonderscheid naar de klinische praktijk.

Trefwoorden: zelf-anderonderscheid, zelf-andergrenzen, emotionele besmetting, lichaamseigendom, zeggenschap, afstemming

Je moet ingelogd zijn om de rest van de inhoud te bekijken. Alsjeblieft . Geen lid? Join Us

Etnisch-culturele gesprekken in therapie: een verkenning vanuit het perspectief van de cliënt

Samenvatting van het artikel:

Depauw, H., Van Hiel, A., Talal, H., Dierckx, K. Geenen, F., Valcke, B. & De Clercq, B., (2024). The development of the Broaching Assessment Scale: A client-rated measure of therapists' broaching behaviour in clinical counselling. Psychotherapy Research, Advance online publication. https://doi.org/10.1080/10503307.2024.2301948

Reproduced with permission from Christoph Flückiger (editor-in-chief Psychotherapy Research), date: 2024, June 25.

Je moet ingelogd zijn om de rest van de inhoud te bekijken. Alsjeblieft . Geen lid? Join Us

Hebben we precisiediagnostiek nodig als poortwachter voor de oneindige zorgvraag?

In een redactioneel van het Tijdschrift Klinische Psychologie leverde Johan Vereycken (2024) commentaar op de Pano-uitzending De jacht op labels van 22 oktober 2024 (VRT MAX). De uitzending en het commentaar houden ons een spiegel voor over de steeds aanwezige verleiding om deskundigheid in ons vak als klinisch psychologen te mystificeren.

Een anekdote

Laat me beginnen met een anekdote. Een vriend belt me met de volgende vraag: “Mijn zoon wil zich inschrijven in de politieschool, maar heeft toen hij twaalf was drie maanden Ritalin© gebruikt nadat hij de diagnose ADHD gekregen had. Om aan de opleiding te kunnen beginnen moet hij een getuigschrift hebben van zijn behandelend psychiater dat hij geen ADHD meer heeft. Hij heeft al acht jaar geen ggz-behandelaar meer. Jij bent klinisch psycholoog, kun jij ons helpen?” Ik overweeg: er is geen lijden en geen zorgvraag, dit is eenvoudig. Maar ook, ik wil dit ethisch en dus niet zomaar als een vriendendienst afhandelen. En dus verwijs ik hem naar gespecialiseerde collega’s. Het ADHD-team is bereid een diagnostisch spoedconsult in te plannen.

Mijn vriend belt mij ruim twee maanden later met de vraag: “De instelling heeft gevraagd mijn verzekeraar te vragen om een tweede reeks van tien sessies in te plannen voor verdiepende diagnostiek.” Dit worden dan samen twintig sessies diagnostiek en dit zonder dat er een zorgvraag was! Mijn vriend vraagt: “Is dit normaal in de ggz?” Nee, dit is niet normaal… Ik was plaatsvervangend verlegen voor mijn collega’s.

Lees verder »Hebben we precisiediagnostiek nodig als poortwachter voor de oneindige zorgvraag?

Psychiatrie en film: verstandshuwelijk of langzaam groeiende liefde?

Breekbaar in beeld. Psychiatrie en film in 20 stereotypen
Moons, D. (2024)

Antwerpen/Apeldoorn: Garant

 

Inleiding 

In de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw waren de films van de Zweedse regisseur Ingmar Bergman populair. Veel van zijn films hebben mensen met psychische problemen als onderwerp. Denk bijvoorbeeld aan de film Persona uit 1966 waarin een actrice vervalt in mutisme, waarbij gretig gebruikgemaakt wordt van de psychoanalytische ideeën van Carl Gustav Jung over het onderscheid tussen een basaal zelf tegenover identiteit als masker. En er was de film One flew over the cuckoo’s nest van Miloš Forman uit 1975, die de boodschap bracht dat psychiatrische patiënten in wezen niet gestoorder zijn dan de gemiddelde mens op straat, oftewel in de meeste gevallen is internering in een inrichting niet nodig en zelfs schadelijk. Het zijn slechts een paar voorbeelden van de honderden, zo niet duizenden1 films in dit genre2. Aanleiding om mij eens wat meer te verdiepen in dit thema was het boek van psychiater Dirk Moons (2024) met als titel Breekbaar in beeld: psychiatrie en film in 20 stereotypen. Na een algemene inleiding over de relatie tussen psychiatrie en film bespreek ik de stereotypen die Moons in zijn boek onderscheidt, om vervolgens kort stil te staan bij de vraag of films realistische weergaven bieden en nuttig kunnen zijn in het onderwijs over psychopathologische en psychiatrische beelden.  

Je moet ingelogd zijn om de rest van de inhoud te bekijken. Alsjeblieft . Geen lid? Join Us

Tien jaar deontologische code

Bouwsteen voor ethisch professioneel handelen

 

Inleiding

Het Koninklijk besluit van 2 april 2014 tot vaststelling van de voorschriften inzake de plichtenleer van de psycholoog verscheen op 16 mei 2014 in het Staatsblad (Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie [FOD EKME], 2014b). In het najaar van 2014 werden de verkiezingen voor de tuchtinstanties van de Psychologencommissie georganiseerd, zodat deze begin 2015 hun werkzaamheden konden starten. Na tien jaar loont het de moeite terug te blikken op het belang van de deontologische code voor de beroepsuitoefening van de psychologen. De tuchtinstanties komen in dit artikel niet aan bod, deze bijdrage behandelt de volgende vragen:

  • Welke ontwikkelingen hebben geleid tot het uitwerken van een officiële deontologische code?
  • Hoe werd de deontologische code uitgewerkt?
  • Wat kan de code betekenen voor de dagelijkse praktijk van psychologen en hoe ondersteunt de Psychologencommissie de psychologen om ethisch verantwoord te handelen?
  • En ten slotte, wat zijn de toekomstige uitdagingen?

Je moet ingelogd zijn om de rest van de inhoud te bekijken. Alsjeblieft . Geen lid? Join Us

Hersenstof: stof tot nadenken


Hersenstof: een gedragsneurologische en neuropsychologische integratie
Lafosse, C. (2022)

Leuven: Acco

In zijn boek met de treffende titel Hersenstof neemt Christophe Lafosse, doctor in de psychologie en gespecialiseerd in klinische neuropsychologie, de lezer mee op een intellectuele reis waarbij niet alleen kennis over de complexiteit van onze hersenen wordt onthuld, maar ook de symbolische betekenis van ‘stof tot nadenken over de hersenen’ diepgaand wordt verkend.

Het gaat hier niet om een standaardboek, het is eerder een soort bijbel: een uitgebreide bron van kennis en inzichten over de hersenen. Al vanaf de eerste pagina’s neemt de auteur de lezer mee op een ontdekkingsreis door het complexe domein van de hersenwetenschappen. Het geeft mij het gevoel alsof ik weer in de aula zit en als student de professor aan het woord hoor.

Je moet ingelogd zijn om de rest van de inhoud te bekijken. Alsjeblieft . Geen lid? Join Us

Van exclusie naar meer inclusie


Praktijkboek antisociaal gedrag en persoonlijkheidsproblematiek
Rijckmans, M.J.N., Van Dam, A., & Van den Bosch, L.M.C. (Red.) (2020)

Houten: Bohn Stafleu van Loghum

Personen met een antisociale persoonlijkheidsstoornis (APS) zijn onbehandelbaar, meer nog, een behandeling kan hen nog antisocialer maken. Gewelddadige personen willen niet veranderen. Dit zijn enkele argumenten die vanuit de reguliere gezondheidszorg opgeworpen worden om niet met zulke profielen aan de slag te gaan. Hierbij veronderstelt men dat deze groep hors catégorie is en enkel binnen een apart forensisch zorgcircuit behandeld kan worden. Toch is het een utopie dat deze personen allemaal uit de reguliere geestelijke gezondheidszorg (ggz) geweerd zouden kunnen worden. Een substantieel deel van de mensen die criminele feiten plegen, komt ooit met de reguliere zorg in aanraking (Abreu Minero et al., 2018; De Varé et al., 2021), en die zorg ziet zich ook geconfronteerd met personen die verward gedrag vertonen en dreigen met geweld of tot geweld overgaan (Van Buuren & Sizoo, 2019). De reguliere zorg kan hier dus wel degelijk op het vlak van preventie en welzijnsbevordering een belangrijke rol spelen, maar dan is het essentieel dat hulpverleners hun vooroordelen opzijzetten, zich in deze thematiek verdiepen en de nodige kennis opbouwen om met deze groep aan de slag te gaan. Het Praktijkboek antisociaal gedrag en persoonlijkheidsproblematiek kan hierbij helpen.

Je moet ingelogd zijn om de rest van de inhoud te bekijken. Alsjeblieft . Geen lid? Join Us

Psychosen: is een spectrumbenadering het beste alternatief?


Psychose begrijpen in 33 vragen (Kopzorgen)
Vanheule, S., & Van Os, J. (2022)

Leuven/Amsterdam: LannooCampus

In 33 antwoorden op evenzovele vragen geven de auteurs een overzicht van de hedendaagse kennis over de psychotische stoornissen, gaande van schizofrenie, manie, melancholie, paranoia en psychogene psychosen tot en met alledaagse vervreemdingsbelevingen. De voornaamste hedendaagse wetenschappelijke literatuur wordt toegelicht, zowel de biologische en de sociale psychiatrie komen aan bod als het psychotherapieonderzoek.

Er zijn drie delen. Eerst zijn er de vragen over wat psychose is. Dan over wat iemand meemaakt tijdens een psychose; met zowel de beleving van de getroffene als die van de maatschappelijke omgeving. Tot slot de vragen hoe men het beste omgaat met de psychose: medicatie, psychotherapie, sociale benadering, werken met de directe omgeving?

Het is onmogelijk om hier op alle aspecten in te gaan. Ik presenteer de voornaamste inzichten.

Je moet ingelogd zijn om de rest van de inhoud te bekijken. Alsjeblieft . Geen lid? Join Us